De grootte van de hersenembolie verschilt per hartaandoening en is belangrijk bij het bepalen van de presentatie van het onderliggende probleem. Kenmerkend is de afwezigheid van waarschuwingssignalen of symptomen.
Kleine embolieën kunnen amaurosis fugax of een voorbijgaande ischemische aanval veroorzaken.
- ze ontstaan vaak bij valvulaire aandoeningen zoals mitralisklepverzakking of infectieuze endocarditis (1)
Grotere emboli veroorzaken vaak corticale arteriesyndromen, zoals afasie van Wernicke of een homonieme hemianopsie, een groot subcorticaal infarct of een panhemisferische beroerte.
- ze ontstaan meestal vanuit het linkeratrium en ventrikel
Referentie:
- Hart, 'Cardiogene embolie'. Lancet (1992), 339.
Maak een account aan om paginanotities toe te voegen
Voeg informatie toe aan deze pagina die handig is om bij de hand te hebben tijdens een consult, zoals een webadres of telefoonnummer. Deze informatie wordt altijd weergegeven wanneer je deze pagina bezoekt