Criteria voor delirium volgens de Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders (DSM-5)
|
B. De stoornis ontwikkelt zich in korte tijd (meestal uren tot enkele dagen), vormt een verandering ten opzichte van de uitgangssituatie wat betreft aandacht en bewustzijn, en vertoont de neiging om in de loop van een dag in ernst te fluctueren.
|
C. Een bijkomende stoornis in de cognitie (bijv. geheugenverlies, desoriëntatie, taal, visueel-ruimtelijk vermogen of waarneming).
|
D. De stoornissen in criteria A en C kunnen niet worden verklaard door een andere reeds bestaande, vastgestelde of zich ontwikkelende neurocognitieve stoornis en treden niet op in de context van een ernstig verminderd niveau van arousal, zoals coma.
|
E. Er zijn aanwijzingen uit de anamnese, het lichamelijk onderzoek of laboratoriumbevindingen dat de stoornis een direct fysiologisch gevolg is van een andere medische aandoening, intoxicatie of ontwenning (d.w.z. als gevolg van middelenmisbruik of medicatie), of blootstelling aan een toxine, of te wijten is aan meerdere oorzaken. |
Referentie:
Gerelateerde pagina's
Maak een account aan om paginanotities toe te voegen
Voeg informatie toe aan deze pagina die handig is om bij de hand te hebben tijdens een consult, zoals een webadres of telefoonnummer. Deze informatie wordt altijd weergegeven wanneer je deze pagina bezoekt