Dit is een splitsing van het sensorische netvlies. De meest voorkomende vorm is seniele retinoschisis, die voorkomt bij ongeveer 3% van de bevolking en in frequentie toeneemt vanaf het tweede decennium. Het begint als een cysteuze degeneratie in de uiterste periferie, meestal bij de ora serrata, en kan zich zelden uitbreiden tot de hele netvliesperiferie. Ophthalmoscopisch ziet het eruit als een transparante verhoging van het netvlies. De binnenwand is dun, intact en onbeweeglijk, terwijl de wand tegenover het pigmentepitheel dik is, er honingraatachtig uitziet en grote breuken vertoont. Vaak zijn beide ogen aangetast. De patiënt klaagt vaak over fotopsie en floaters.
Een onschadelijke netvliesloslating kan volgen op lekkage van de holte door een gaatje in de buitenwand. Er is geen behandeling nodig. In zeldzame gevallen ontstaat er een gaatje in beide wanden en ontstaat er een ernstige rhegmatogene netvliesloslating die behandeld moet worden.
Een erfelijke, X-chromosoom gekoppelde retinoschisis kan voorkomen bij kinderen. Deze tast zowel het centrale als het perifere netvlies aan. Het gezichtsvermogen is vaak normaal in de vroege kinderjaren, maar verslechtert in de puberteit. Strabisme en nystagmus kunnen voorkomen.
Zelden komt een perifere retinoschisis voor bij retrolentale fibroplasie of diabetische retinopathie.
Maak een account aan om paginanotities toe te voegen
Voeg informatie toe aan deze pagina die handig is om bij de hand te hebben tijdens een consult, zoals een webadres of telefoonnummer. Deze informatie wordt altijd weergegeven wanneer je deze pagina bezoekt