Allo-immunisatie kan het gevolg zijn van transfusie met rode bloedcellen die een ander fenotype hebben dan de patiënt. Bij herhaalde transfusies kan de ontvanger ook antilichamen ontwikkelen tegen leukocyten en bloedplaatjes in het getransfundeerde bloed.
Allo-immunisatie treedt meestal enkele dagen tot weken na de infusie op:
- 75% van de Rh-negatieve patiënten die Rh-positief bloed toegediend hebben gekregen, ontwikkelen antilichamen tegen Rh D
- meer dan 10% van herhaaldelijk getransfundeerde patiënten ontwikkelen antilichamen tegen witte bloedcellen en/of bloedplaatjes.
Preventie:
- vermijd transfusie van Rh D-positief bloed aan Rh D-negatieve patiënten
- gebruik gefilterd bloed waaruit de meeste leukocyten en bloedplaatjes zijn verwijderd
Referentie:
- Panch SR, Montemayor-Garcia C, Klein HG. Hemolytische transfusiereacties. N Engl J Med. 2019 Jul 11;381(2):150-62.
Gerelateerde pagina's
Maak een account aan om paginanotities toe te voegen
Voeg informatie toe aan deze pagina die handig is om bij de hand te hebben tijdens een consult, zoals een webadres of telefoonnummer. Deze informatie wordt altijd weergegeven wanneer je deze pagina bezoekt